
7 x 50 bij Marel: ‘Je hebt ontzettend veel variatie in je werk’
Algemeen 9.219 keer gelezenBOXMEER | Tegenwoordig lijkt het steeds meer een zeldzaamheid: werknemers die vijftig jaar bij hetzelfde bedrijf blijven. Bij Marel in Boxmeer is dat wel anders. Daar wordt aanstaande donderdag het halve eeuw dienstverband van niet één, niet twee maar zeven (!) medewerkers gevierd. Een babbeltje met de heren is genoeg om erachter te komen hoe ze het zo lang hebben volgehouden.
Gezellig kletsend zitten de mannen aan de koffie. Geen moment is het stil. Na vijftig jaar samen op de werkvloer hebben Toon Schaap, John Hoffman, Hein Annema, Wiel Nuijen, Riny Engels en Mathieu van Hal nog steeds geen gebrek aan gesprekstof. Ditmaal is mede-jubilaris Kees Vloet het onderwerp, en waarom hij niet aanwezig is. Dat wordt snel duidelijk, inclusief de bevestiging dat Kees wel bij het jubileumfeestje op donderdag 19 september aanwezig is.
Handen uit de mouwen
Al gauw gaat het gesprek over vijftig jaar geleden en hoe de heren bij Marel terecht zijn gekomen. “Bij Stork!”, zegt John meteen grappend, maar stellig. “Die naamsverandering…Ik blijf het gewoon Stork noemen”. De andere veranderingen die hij door de jaren bij het voedingsindustriebedrijf heeft doorgemaakt, heeft John wel gewoon omarmt. Net als de andere jubilarissen begon John hier halverwege de pubertijd al met geld verdienen én doorleren. “Vanuit school ging je naar de vakopleiding en zo kwamen we hier terecht. We kregen de sollicitatiebrief gewoon thuisgestuurd. Zo ging dat toen.” Hein vertelt hoe zo’n sollicitatiegesprek ging: “Er werd ook naar de handen gekeken. Waren ze glad en soepel, met strakke nagels? Of waren ze robuust en, nou ja, waren het werkhanden?”.
Dat die handjes konden werken en graag wapperden, dat is bij alle zeven de jubilarissen heel duidelijk. Stuk voor stuk strooien de mannen met anekdotes uit verschillende vakgebieden en bedrijfstakken waarin ze werkzaam zijn geweest. Riny lacht bijvoorbeeld nog steeds als ie denkt hoe hij naar Noorwegen werd gestuurd om als vierde monteur eens een kijkje te nemen naar een defecte machine. “Wat bleek, er zat gewoon een kapot veertje in. Even open maken, nieuwe veer er in en klaar. Ik was met een half uurtje buiten.” Wiel knikt instemmend: “Maar je bent dan wel een beetje trots. Trots dat jij het dan wel voor elkaar hebt gekregen.” Daarover is het zestal het unaniem eens.
Riny: “Ja, trots zijn we allemaal zeker. Het was altijd mooi om een machine te ontwikkelen door creatief na te denken. De opdracht was altijd eenvoudig: ‘hier is de kip, regel het maar.’. En dan gingen wij aan de slag.” Hein: “Iedere kip is anders. Je moet die kip begrijpen. Ik kon altijd ontzettend goed mijn ei kwijt in het uitdenken en maken van een oplossing daarvoor. Dan was je inderdaad trots als het dan werkte.” Deze manier van werken is tegenwoordig, in de tijd van computersimulaties, niet meer gebruikelijk. Mathieu: “Wij maakten iets en als het werkte werden er tekeningen van gemaakt. Nu is het andersom.”
Variatie
Stuk voor stuk hebben de mannen trotse verhalen te vertellen over hun tijd bij Marel. Avonturen in het buitenland, weekendklusjes in de slachterij of de uitstekende lessen van Toon Hermans - “dat was altijd een mooie vent”, aldus de mannen unaniem - : er kan eindeloos gekletst worden over hoe de halve eeuw bij Marel er uit heeft gezien. Maar uit alle verhalen kan dezelfde conclusie getrokken worden: het is een geweldige werkgever. “Je hebt ontzettend veel variatie in je werk.”, zegt Toon. De rest knikt instemmend. “Als je op een andere afdeling beter op je plek zat, meer naar je kwaliteiten kon werken, dan was dat absoluut mogelijk”. Tegenwoordig is jobhopppen heel normaal, de heren deden dat naar eigen zeggen “intern”. Afwisseling en variatie, samen met een goede balans thuis: zo houd je volgens het zevental gemakkelijk vijftig jaar vol. Hein: “Om heel eerlijk te zijn, de jaren zijn voorbij gevlogen!”























