
‘We zijn hier samen in het dorp en dus wil je elkaar helpen’
Human Interest 2.343 keer gelezenRIJKEVOORT | Als je ondernemer bent in een dorp weten mensen je te vinden. Natuurlijk omdat ze graag van je diensten gebruik willen maken, maar soms wordt dat ook gevraagd ‘in naam van het dorp’. Leon van Duijnhoven van Deco0Tuinen uit Rijkevoort weet maar al te goed hoe het werkt in het dorp. Regelmatig wordt zijn werkmateriaal van stal gehaald voor zaken buiten Deco-Tuinen om, zodat het dorp “gaat leven”.
Enkele weken geleden nog werden de Pleinfeesten georganiseerd. Voor zo’n feest moet het dorp er natuurlijk wel spik en span bij liggen. “Leon, jij hebt toch zo’n veegmachine? Kun jij niet misschien heel even....?”. De Bellebloazers organiseren natuurlijk jaarlijks de pronkzitting. Dan moet de zaal er netjes uitzien, met keurige aankleding. “Hee Leon, heb jij misschien een paar mooie planten die we er kunnen neerzetten?”. Leon moet lachen: “Het is deels vrijwillig maar ook deels natuurlijk een beetje sponsoring. Maar bovenal, we zijn hier samen in het dorp en dus wil je elkaar helpen. Dus ik doe dit graag.” Het laat zich ook wel raden wie een telefoontje kreeg toen het Rijkevoortse muziekfestival Meadow om rijplaten, houtsnippers en speelzand verlegen zat.
Maar ook buiten Deco-Tuinen komt Leon graag in actie voor Rijkevoort. Toen de tennisclub ging verbouwen maakte Leon deel uit van de commissie om dat op touw te zetten. En vergeet de kerstverlichting niet! Leon: “Dat projectje is enkele jaren geleden begonnen. Met z’n drieen vonden we dat we iets moesten doen om het dorp tijdens de feestdagen te verfraaien. ‘Die boom, kunnen we daar niet iets mee doen?’, was de gedachten. Nou, daar werd zo goed op gereageerd dat we nu ieder jaar, na Sinterklaas, weer de lichtjes ophangen”.
Leon benadrukt dat hij al die vrijwillige klusjes doet náást zijn drukke werk bij Deco-Tuinen. Stilzitten zit er niet vaak in voor de ondernemer. “Mensen weten mij wel te vinden, maar dat vind ik ook wel leuk. Je moet het dorp toch ook een beetje laten leven?!”



















