
DialectWé.rkpléts in De Typhoon voor carnavalsspreuken
CarnavalGENNEP | Terwijl wagenbouwers, loopgroepen en individuele deelnemers volop bezig zijn met hun creatie voor de optochten in de regio, wordt ook nagedacht over de teksten die het gekozen onderwerp toelichten. De spreuken worden bij voorkeur in het streekdialect geschreven, maar vaak ontbreken de finesses van de schrijfwijze. De samenstellers van het dialectwoordenboek, Herman Giesbers en Sjaak Kroon, helpen daar een handje bij. In samenwerking met Vastelaovendclup ’t Bombakkes houden de ‘taalprofs’ op donderdag 13 februari een DialectWé.rkpléts in café De Typhoon.
Door Jos Gröniger
In het café op de Mé.rt (Markt) in Gennep kunnen optochtdeelnemers en andere carnavalsvierders uit de regio hun licht opsteken bij de twee experts op dialectgebied, onder het genot van een drankje. De organisatoren hebben de setting van het café verkozen boven een ruimte voor vergaderingen en lezingen. Een drankje uit een glas kreeg de voorkeur boven koffie of thee uit een bekertje. “Dat maakt het toch wat gezelliger,” zegt Sjaak Kroon, die samen met zijn ‘taalmaatje’ Herman Giesbers de avond inleidt met een korte lezing over de spelling van het dialect en het ontstaan van carnaval.
Uitleg
Carnaval of vastelaovend en dialect zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Daarover geven Kroon en Giesbers tekst en uitleg tijdens de DialectWé.rkpléts. “Heel vroeger was carnaval de viering van de start van het nieuwe jaar, het einde van de winter. Dat was in de periode van de tien-maandenkalender”, zegt Sjaak Kroon, “van maart tot december, de tiende en laatste maand van het jaar.” Dat veranderde toen de Juliaanse kalender werd ingevoerd en er twee maanden bijkwamen.
Wereld op z’n kop
Carnaval werd later door de katholieke kerk opgepakt als laatste toegestane uitspatting voor het begin van de vastenperiode tot Pasen. Drie dagen mochten de mensen uit de band springen. Het was de wereld op zijn kop. De gewone mensen hadden het drie dagen voor het zeggen en de prins kreeg de sleutel van de stad. Dialect was daarbij de voertaal. “Je praatte gewoon dialect, ook met de burgemeester en de pastoor. En in optochten werden spreuken in het dialect meegevoerd.” Dat is nog altijd zo. Een groot deel van de optochtdeelnemers beschrijft het onderwerp van hun creatie in het dialect. “Maar dat is voor veel mensen lastig. Dialect wordt steeds minder gesproken en nog minder geschreven, maar het mooie is dat het geprobeerd wordt”, zegt Kroon. Het kan echter ook leiden tot het verkeerd uitleggen van een idee. Een accent op de letter e kan mensen op het verkeerde been zetten. Een accent grave (è) of een accent aigu (é) in het dialectwoord lekke. Schrijf je lèkke of lékke als je bedoelt dat een leiding lekt? En wil je de buitenzitting op de Markt benoemen, schrijf je dan Mé.rt- of Mèrtzitting? In het laatste geval zeg je eigenlijk ‘Maartzitting’ en dat is het dit jaar toevallig ook.
Vrijblijvend
Sjaak Kroon en Bombakkes-vorst Geert Spikmans benadrukken dat het juist spellen vrijblijvend is. Een bezoek aan de DialectWé.rkpléts ook. “Het is geen dwang, maar je leert wel hoe je anderen beter kunt laten begrijpen wat je bedoelt.” Sjaak Kroon vult aan. “Advies vragen is ook een teken dat je iets graag wilt weten. En heb je vragen, maar kun je niet naar De Typhoon komen? Mail dan naar herman.giesbers@outlook.com .”
De DialectWé.rkpléts in café De Typhoon begint donderdag 13 februari om 20.00 uur. Aanmelden is niet nodig en advies en toegang zijn gratis.