MooiMaasvallei wil de zorg voor iedereen beter en efficiënter maken.
MooiMaasvallei wil de zorg voor iedereen beter en efficiënter maken. Foto:

‘Zorg draait niet alleen om medische behandelingen’

Gezondheid

REGIO | Dubbele vergrijzing, minder mensen die in de sector willen werken, hogere kosten: het Nederlandse zorgstelsel staat de komende jaren voor torenhoge uitdagingen. Daarom krijgt samenwerkingsverband MooiMaasvallei maar liefst 64 miljoen euro aan subsidie om het ‘Integraal Zorgakkoord’ uit te rollen. Samen met welzijns- en zorgorganisaties, het bedrijfsleven, woningbouwcorporaties en het onderwijs hebben gemeenten Bergen, Gennep en Land van Cuijk dit uitgebreide zorgplan op touw gezet, met als doel de zorglasten voor iedereen te verlichten. Vanuit heel Nederland kijken overheden nu naar deze regio om te zien hoe dit unieke stukje zorginnovatie, waarbij positieve gezondheid en preventie centraal staan, zich zal gaan ontwikkelen.

Door Annelies Graafsma & Mans Pere

Zorgvraag en capaciteit bij elkaar krijgen, dat willen de samenwerkende partijen voor elkaar krijgen. Wordt er niet ingegrepen, dan zal de zorg in 2033 zo’n 1500 mensen tekort komen. Dit, mede omdat het aantal 65-plussers in de regio naar schatting tot ongeveer 27% zal toenemen. “Wij weten inmiddels dat samenwerking tussen het sociale en het medische domein loont”, aldus wethouder Joost Hendriks van gemeente Land van Cuijk. “We kunnen de kosten reduceren en tot 11.000 ziekenhuisopnames minder per jaar uitkomen.” Hoe? Dat wil hij graag, samen met collega-wethouder Willy Hendriks – Van Haren, een manager van Sociom, tevens netwerkleider van Mooi Maasvallei, en een lokale huisarts uitleggen.

Maak kennis met Eduard, een fictieve 80-jarige inwoner in de regio. Spijtig genoeg is Eduard onlangs weduwnaar geworden, nadat zijn lieve vrouw eerst een tijdje in een verzorgingstehuis woonde. Verdriet overrompelt de arme man, en ook is hij nu een beetje de weg kwijt. Hij heeft geen doel meer. Zijn eetlust gaat achteruit, hij slaapt slecht en voelt zich eenzaam. Zijn welzijn gaat achteruit. “Vroeger dachten we dan aan antidepressiva, maar dat doen we al jaren niet meer.”, zegt de aangeschoven huisarts. Maar Eduard gaat naar alle waarschijnlijkheid wel naar de huisarts omdat hij zich niet goed voelt. “Maar ik help hem beter als ik hem doorverwijs naar Sociom. Een welzijnscoach van Sociom kan met Eduard bespreken hoe hij weer lekkerder in zijn vel zou kunnen komen.”

De manager van Sociom vult aan: “Juist wij staan voor hem klaar. We gaan met hem in gesprek en vragen hem of het hem niet leuk lijkt om in het verpleeghuis waar zijn vrouw verbleef koffie te schenken. Dan heeft hij weer een stukje zingeving en zit hij lekkerder in zijn vel.”

“Zorg draait dus niet alleen om een medische behandeling maar om welzijn in de volle breedte.”, aldus de Sociom-manager. Natuurlijk zijn huisartsen goed toegankelijk – volgens de aangeschoven huisarts zijn praktijken in deze regio bovengemiddeld laagdrempelig - maar ervaring leert dat sommige zorgvragen waarmee men naar de huisarts komt, zoals die van Eduard, beter op een andere plek ‘behandeld’ kunnen worden. Op die momenten is een zorgvraag eigenlijk meer een vraag om hulp, die heel goed door Sociom opgepakt kunnen worden.

Voorzorgcirkels
Uniek aan het Integraal Zorgakkoord is dat het probeert alle facetten van zorg, gezondheid en welzijn te omvatten. Daarin spelen preventie, bevorderen van de zelfredzaamheid en ondersteuning dichtbij huis centraal. Sociom speelt daarin een belangrijk rol, maar ook op inwoners zelf wordt een beroep gedaan. De manager van Sociom licht toe: “We willen bereiken dat mensen passende zorg krijgen, zorg op maat. De rode draad daarin is: meer zelf actief, langer thuis en digitaal als het kan. Bij de meeste huisartsen kun je al via het zorgportaal digitaal je vragen of zorgen neerleggen. Maar we hebben ook ervaring opgedaan met ‘voorzorgcirkels’. Dit zijn groepen van bijvoorbeeld twaalf tot twintig mensen die bij elkaar in de buurt wonen en elkaar, als dat nodig is, ondersteunen. Per groep zijn er twee ‘verbinders’. Zij verzamelen de hulpvragen en zetten deze ook weer uit zodat andere mensen in de cirkel hulp kunnen bieden.” In het geval van Eduard kan dit betekenen dat hij aan een verbinder vraagt of iemand af en toe een keer mee boodschappen wil doen. Dat maakt het tillen van alle aankopen makkelijker én zorgt voor een gezelliger uitje.
De verbinders binnen zo’n voorzorgcirkel staan verder in nauw contact met Sociom, voor het geval een hulpvraag meer specialistische oplossingen vereist. Sociom kan dan doorverwijzen naar netwerken op het gebied van ouderenwelzijn, mentale gezondheid of acute zorg. Iedereen kan een zorgcirkel beginnen. Met een mail naar Sociom is alles eenvoudig te regelen.

Onderlinge samenwerking tussen de verschillende domeinen is dus de sleutel tot succes. Via de voorzorgcirkels en Sociom kunnen snel de zorgsector maar ook gemeenten, het onderwijs en de woningcorporaties worden ingeschakeld, mocht dat nodig zijn. Die onderlinge samenwerking tussen deze organisaties is laagdrempelig en snel. “Maar niet nieuw.”, aldus wethouder Hendriks. “Nieuw is dat niet de samenwerking tussen de organisaties de basis is, maar dat we betere netwerken rondom de mensen zelf bouwen.” 

Voorkomen is beter
Uiteindelijk draait het allemaal om preventie. Door op een laagdrempelige manier de verschillende aanbieders van zorg bij elkaar te brengen, worden hulpvragen en zorg ook samen gebracht, en georganiseerd rondom inwoners. Zo kunnen zij langer thuis blijven wonen en wordt erger voorkomen. Daarnaast kunnen de zorgaanbieders op deze manier zich richten op hen die de aandacht acuter nodig hebben. “Zo willen we bereiken dat lichtere zorg waar mogelijk de zwaardere zorg vervangt en dat welzijn een grotere rol speelt in het gezond houden van mensen’, benadrukt Sociom. “En over twee jaar evalueren we. Maar op basis van de ervaringen tot nu toe verwachten we dat de verschuiving van zorg naar welzijn en naar ‘samenredzaamheid’ tot aanzienlijke besparingen zal leiden. Binnen de Wet Langdurige Zorg wordt in 2028 bijvoorbeeld een besparing van €12 miljoen verwacht. En ook bij de zorgverzekeringswet wegen de noodzakelijke investeringen ruim op tegen de besparing die ze opleveren, doordat minder mensen een beroep doen op duurdere tweedelijnszorg.”

Voor Eduard is het allemaal wat concreter. Hij hoeft niet lang te wachten op hulp omdat hij voor hem duidelijker wordt waar hij snel hulp kan vinden. Dat maakt dat hij langer thuis kan blijven wonen, waar hij lekkerder slaapt en aanspraak houdt met zijn buren. Zijn welzijn gaat niet achteruit. Dat is voor hem onbetaalbaar.