
In gesprek met Sinterklaas over een feest uit duizenden
BOXMEER | Nog maar een paar nachtjes slapen en Sinterklaas komt weer aan in Nederland. Op zijn pakjesboot liggen duizenden en nog eens duizenden cadeautjes, pepernoten en chocoladeletters. Genoeg voor die duizenden kinderen in duizenden dorpen en steden. Maar, voor de goedheiligman is zijn bezoek én verblijf in Boxmeer toch altijd een jaarlijks terugkerend hoogtepunt. De Maas Driehoek belde met Sinterklaas om het te hebben over de intocht, het Huis en het Sinterklaasfeest zelf.
“Ik en mijn Pieten hebben weer heel veel zin om naar Nederland te komen, en we willen Boxmeer ook zeker niet stilletjes voorbij gaan.”, zegt Sinterklaas. In zijn rustige spreekstijl, met gebruikelijke diepe stem, is duidelijk enthousiasme te bespeuren. “Het is fijn om straks alle kinderen weer te mogen ontmoeten en blij te maken, maar ook alle vaders en moeders, oma’s en opa’s, ooms en tante’s en ga zo maar door. Ik vind het altijd leuk om met de kinderen in gesprek te gaan. Sommigen flappen er écht alles uit. Daar moet ik soms goed om lachen. Anderen zijn juist afstandelijker, vinden mij en de Pieten een beetje eng. Maar misschien vind ik die kinderen nog wel het leukst. Want als ze eenmaal aan mij gewend zijn, ze los komen, dan is het heel leuk om te zien hoe ze opbloeien.”
De goedheiligman ziet dit vooral in het Huis van Sinterklaas, waar hij jaarlijks mag verblijven. Meestal is het een leegstaand winkelpand in de Boxmeerse Steenstraat. “Daar wordt door de mensen van SiPieJo altijd een goed bed voor mij neergezet zodat ik fijn kan slapen, een bureau geplaatst zodat ik in mijn Grote Boek kan schrijven én een keukenblokje zodat ik en de Pieten pepernoten kunnen bakken. Ik voel me er altijd snel thuis”. Met name die ene keer dat hij mocht slapen in de kapel van De Weijer, was voor de Sint een hoogtepunt. “Die kapel heeft van die zijvleugels die goed als kamers konden worden ingedeeld. De sfeer was écht alsof ik in Kasteel Candalvo aan Via de Raet in Spanje was!”
En het is dus in die tijdelijke verblijfplaats in Boxmeer waar Sinterklaas de kinderen kan ontmoeten. Ditmaal kan dat op 19, 22, 26, 29 en 30 november. “Op die dagen kan ik in een rustige omgeving even met ze praten over of ze lief zijn geweest, én wat er op hun verlanglijstje staat.” Nicolaas benadrukt stellig hoe fijn hij het vindt dat op 23 november zijn woning zelfs prikkelarm is. “Dan draai ik even geen Sinterklaasliedjes, en vraag ik mijn kalmste Pieten om mij die dag te helpen. Veel kinderen vinden dat fijn, die kunnen dan beter acclimatiseren.” Op die dag ontmoet Sinterklaas ook veel mensen met een beperking, lichamelijk én of verstandelijk. “Zij zien mij natuurlijk vaak op televisie, maar omdat er altijd heel veel kinderen en Pieten om mij heen zijn, blijf ik voor hen niet goed benaderbaar. Dankzij het prikkelarme Huis kan ik toch ook goed met hen praten. Ze vinden dat in het begin eng, maar je ziet dat ze aan het einde van de ontmoeting daar heel erg blij van worden. Ze kruipen uit hun schulp”. Sint benadrukt dan ook het belang van het prikkelarme Huis. “Het is zó goed dat dat er is!”
Sint Nicolaas is sowieso lovend over de organisatie van het feest in Boxmeer. Meermaals zegt hij hoe "goed het geregeld is”, op een "professionele manier”. Nederland kent natuurlijk duizenden dorpen, maar op organisatorisch vlak kan maar weinig tippen aan hoe dat hier verloopt. "Of de kinderen hier liever zijn, dat durf ik niet te zeggen. Ik zie eigenlijk nergens meer stoute kinderen. Maar als het op feesten aankomt, op het echt vieren van het Sinterklaasfeest, dan is Boxmeer wel echt een dorp uit duizenden!”