
Blauwe plekken én gezelligheid? Dát is rugby
Overige sport 1.843 keer gelezenSTEVENSBEEK | Ken jij O.R.C. Black Bulls al? Binnenkort wel! De Stevensbeekse rugbyvereniging wil namelijk flink aan haar naamsbekendheid en imago werken. “We hebben een stabiel ledenbestand, maar als er mensen wegvallen…”, aldus voorzitter Frank Volleberg. Frank legt uit hoe de club zich meer in de kijker wil spelen.
Wie denkt aan rugby denkt al snel aan grote mannen, losse tanden en blauwe plekken. De sport staat te boek als lomp en gewelddadig. Maar niets is minder waar, vindt Frank. “Op het veld is het hard, dat klopt. Maar daarbuiten, daar heerst een ongelooflijke cultuur van respect en vriendschap.” En dat geldt voor de rugbycultuur in heel de wereld. Iedereen is ontzettend vriendelijk tegen elkaar, de scheids én de tegenstanders. Frank: “Laatst zijn we nog na de wedstrijd uit eten geweest met het team uit Uden. Dat is toch magnifiek? Zoiets zie ik een voetbalclub niet zo snel doen.”
Frank probeert hiermee zorgen weg te nemen bij ouders. Hij begrijpt dat menig moeder haar kinderen niet in gevaar wil brengen, dus dat het gewelddadige imago de rugbysport in de weg zit. “Maar wereldwijd worden de regels steeds meer aangepast en toegespitst op veiligheid. De contactmomenten worden minder en het spelverloop gaat sneller. Er wordt echt over nagedacht.” De Black Bulls-voorzitter vertelt dat tijdens de training de focus ook ligt op valtechniek. “Dat werkt net als bij judo: je maakt jezelf klein en dan kan er eigenlijk niets gebeuren.”
De sport maakt dus weerbaar, betoogt Frank. “En dat willen we dus goed naar buiten brengen. We willen mensen laten zien dat het niet alleen heel gezond is en goed voor de motoriek, je leert tenslotte sprinten, vallen kruipen, gooien, trappen tegen de bal, maar je wordt er dus ook ‘hard’ van. En het is dus ook gewoon heel erg gezellig.” Hij nodigt daarom iedereen die eens iets nieuws wil proberen uit om een potje mee te spelen.
Van oorsprong is O.R.C. Black Bulls een Overloonse vereniging - de naam is zelfs afgeleid van de Britse 11th Armour Division die meehielp de regio te bevrijden - maar de club moest uitwijken naar Stevensbeek wegens de beschikbare ruimte. Frank: “Nu zitten we mooi in het midden tussen de andere clubs, te noemen Nijmegen, Venlo en Uden.” De rugbyers weten dan ook zeker dat dit deze vijver groot genoeg is om een gezonde aanwas aan leden te vergaren. “Maar, dan moeten mensen wel weten dat wij er zijn.”, merkt Frank gevat op. Hij zegt nogmaals dat iedereen die er over nadenkt om eens een kijkje te komen nemen van harte welkom is. Daarnaast gaat de club gaat binnenkort actief van zich laten horen, onder andere middels posters in pubs, dit artikel en scherpe social media. Het uiteindelijke doel? Als mensen aan rugby denken, dat ze dan niet aan stoere mannen en blauwe plekken denken, maar aan de Black Bulls in Stevensbeek! (MP)


















